Collectiewaardering in zes stappen

Collectiewaardering

Hoe bepaal je of een object of (deel)collectie binnen jouw museum past? Of wil je weten of een object waardevol genoeg is om te restaureren of te bewaren?
De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft een methode ontwikkeld om objecten of (deel)collecties te waarderen. Het gaat daarbij niet om de financiële waarde, maar om het bepalen wat het object of de (deel)collectie belangrijk maakt en in welke mate. Deze methode heet: Op de museale weegschaal, collectiewaardering in zes stappen.

Stap 1

Aanleiding en vraagstelling formuleren: Waarom het object of de collectie waarderen en wat is het doel? Enkele voorbeelden van aanleiding en vraagstelling:
Aanleiding; Het depot is overvol. Vraagstelling; Moet het object bewaard worden?
Aanleiding; Mijn verzameling wordt collectie. Vraagstelling; Behoort het object tot de (kern)collectie, gebruikscollectie of niet in de collectie?
Aanleiding; Musea en historische vereniging gaan samenwerken en ontwikkelen een verhaal. Vraagstelling; Welke (deel)collectie hoort thuis binnen de nieuwe samenwerking?
Aanleiding; De gemeente wil helderheid over de toekomst van het museum in de gemeenschap. Vraagstelling; Hoe groot is de waarde van de (deel)collectie voor de gemeenschap?
Aanleiding; De historische vereniging heeft vele documenten verzameld in de afgelopen jaren. Nu is de informatie gedigitaliseerd. Vraagstelling; Moeten de originele documenten (papier, foto, negatieven, boeken etc.) bewaard blijven?

Stap 2

Bepalen wat u gaat waarderen en binnen welk referentiekader: Welke (deel)collectie gaat gewaardeerd worden? Waarmee wordt het object of de collectie vergeleken, bijvoorbeeld in vergelijking met andere collecties of instellingen? Lokaal, nationaal of internationaal. En vanuit welk perspectief wordt naar de collectie gekeken?
In deze stap wordt ook bepaald wie de belanghebbenden zijn. Welke personen kunnen iets zeggen over het object of de collectie? Dit kan variëren van directeur tot vrijwilliger, van conservator tot schoonmaker. Zij vormen het waarderingsteam en voeren de volgende stappen gezamenlijk uit.

Stap 3

Bepalen welke criteria voor de waardering relevant zijn. Dit gebeurt aan de hand van het waarderingsformulier. Verschillende criteria kunnen van toepassing zijn; zeldzaamheid, herkomst, cultuurhistorisch of sociaal-maatschappelijk belang, met bijzonder verhaal of zonder context en/of gebruik.
De criteria worden opgesteld door de belanghebbenden uit stap 2. Zij bepalen gezamenlijk aan welke criteria een object/(deel)collectie moet voldoen voor een, nog toe te kennen, waarde score. Hiermee wordt een breed draagvlak gecreëerd voor de waardering met onderbouwde argumentatie in de volgende stap.

Stap 4

Toekennen van waarde scores aan de (deel)collectie/object. Dit wordt onderbouwd met argumenten. Wat voor de één een grote waarde heeft, kan voor iemand anders een lage waarde hebben.
Naar aanleiding van de waardetoekenning en argumentatie kan gediscussieerd worden om tot een besluit van waarde te komen. Hierin worden alle argumenten van de belanghebbende afgewogen alvorens tot een beslissing te komen.

Stap 5

Verwerking van de gegevens van de waardering. Hierop kan besluitvorming geformuleerd worden. Hieruit voortvloeiend kan een projectplan met actiepunten worden opgesteld.

Stap 6

Uitvoeren van het besluit en/of de acties.

De methode is in zijn geheel na te lezen en hier te downloaden.
Wilt u meer informatie of bent u geïnteresseerd in begeleiding in dit proces, neem dan contact op met Kelly Witteveen.