Blog: Gelre buiten Gelderland Door: Johan Oosterman

Auteurs en redacteuren, die nu werken aan de publicatie Verhaal van Gelderland, nemen u graag mee in hun belevenissen met hun blogs. Hieronder de blog van Johan Oosterman.

Blog: Gelre buiten Gelderland Door: Johan Oosterman

Nooit was Gelre zo groot als in de jaren na 1513. Groningen, Friesland en het Oversticht (grotendeels samenvallend met het huidige Overijssel en Drente), werden ingelijfd bij Gelre in een poging de positie van het hertogdom in het schaakspel van Europese grootmachten te verstevigen. Al snel kwamen verschillende van de gebieden terug in Habsburgse handen en in 1536 was het avontuur in het Noordoosten voorbij. Het vormt het sluitstuk van de roerige geschiedenis van het hertogdom, waarin de grenzen van het territorium voortdurend veranderden en waarin grote gebieden buiten het huidige Gelderland voor lange of kortere tijd deel uitmaakten van Gelre of er nauw mee waren verbonden.

Samen met Rudolf Bosch schrijf ik over de jaren van het hertogdom: 1339-1543. Het zijn de jaren van de grootste macht van Gelre en van de snelste veranderingen in de grenzen van het territorium. Meer dan de auteurs van de andere delen hebben we voor ons deel van het Verhaal van Gelderland te maken met voortdurend veranderende grenzen. Emmerich gaat in 1402 verloren, het land van Cuijk is van 1400 tot 1473 deel van het hertogdom, van 1371 tot de dood van hertog Reinald IV in 1423 is er een personele unie met Gulik, het land van Arkel wordt veroverd en weer afgestaan aan Holland, en zoals hiervoor al genoemd: Groningen, Friesland en het Oversticht worden ingelijfd en gaan weer verloren: haast van jaar tot jaar veranderen de grenzen en daarmee ook de machtspositie van Gelre.

Voor het verhaal dat wij vertellen hebben we daardoor te maken met een in geografisch opzicht nogal dynamisch hertogdom, al kun je het ook een instabiel hertogdom noemen. Niet elke grenswijziging gaan we bespreken, maar we willen de gebieden van Gelre die buiten het huidige Gelderland liggen wel een rol geven: dat geldt natuurlijk in de eerste plaats voor het Gelderse Overkwartier, dat grote delen van Noord-Limburg en het Noordelijke Nederrijngebied beslaat, maar ook Gulik speelt een rol, net als die tijdelijke veroveringen.

In december heb ik twee lezingen gehouden over Maria van Gelre. Een ervan was in Mill, gelegen in het land van Cuijk, maar in de middeleeuwen bezit van het klooster Mariënwaard. De andere was in Sittard. Het lag 600 jaar geleden in Gulik en het was een van de morgengaven van Maria van Gelre, dat wil zeggen een gebied waarvan zij de inkomsten ontving. Bij de voorbereiding was ik me bewust van die bijzondere positie en in gesprek met het publiek merk je dat ook daar die geschiedenis als waardevol wordt gezien. Het heeft me gesterkt in ons voornemen om in het Verhaal van Gelderland Gulik en het land van Cuijk een plaats geven. Om dat goed te kunnen doen is er wel extra werk nodig: aanvullend archiefonderzoek, zoeken in lokale tijdschriften die alleen in Geldern, Sittard, Assen of Erkelenz te vinden zijn. Ook in de komende maanden blijven we die gebieden opzoeken, tijdens previewbijeenkomsten in Roermond en Kevelaer, tijdens bezoeken aan archieven en bibliotheken, op zoek naar verhalen om te begrijpen wat de grilligheid van die territoriale ontwikkeling voor sporen heeft nagelaten.

Op 16 december vergaderde ik de hele dag in het kruisherenklooster Sint Agatha, gesticht in 1371 en gelegen in het land van Cuijk. Door mijn onderzoek ben ik me maar al te bewust van het Gelderse verleden op deze plaats. De voorgangers van de broeders die er nu nog wonen ontvingen eind maart 1418 een ‘vait herinx’, zo las ik een tijdje terug in de Gelderse landsheerlijke rekeningen. Een van de huidige broeders zag het als een mooi blijk van de verbondenheid die Sint Agatha nog altijd voelt met de overkant van de Maas.

Mijn betrokkenheid bij de Gelderse geschiedenis is er een die is gegroeid gedurende mijn jaren in Nijmegen. Als import-Geldersman ben ik me behoorlijk thuis gaan voelen. En zoals Jeroen Benders in november schreef in dit blog, ben ook ik trots mee te werken aan het mooie project van het Verhaal van Gelderland. Hij voegde eraan toe: ‘zeker als geboren Gelderlander.’ Dat kan ik hem niet nazeggen, al ben ik wel geboren en opgegroeid op een plek die ooit, omstreeks 1520, deel uitmaakte van Gelre ook al bestond mijn geboorteplaats toen nog niet. Ook Rudolf is geboren in een plaats die ooit tot Gelre behoorde. Misschien zijn wij wel de aangewezen personen om te schrijven over het Gelre buiten de grenzen van het huidige Gelderland.

Johan Oosterman

Afbeelding:  Zicht op het klooster Sint Agatha vanaf de Gelderse kant van de Maas. Foto: Dick van Aalst | Radboud Universiteit.